Postduiven. Wonderlijke beestjes zijn het. Je stopt ze eerst in een klein hokje dat vastzit aan een hele rij van nog meer kleine hokjes, dan zet je ze met nog 10.000 andere koerende verenbollekes in een camion, rijdt ermee naar Zuid-Frankrijk en daar laat je ze los. Nu zal elke tweebener als ie losgelaten wordt in Frankrijk na uren in een vrachtwagen denken: 1. waar is de wc? 2. waar is de bar? en 3. waar kan ik hier wat te bikken vinden? Maar neen, niet onze gevederde bollekes. Die rollen uit hun hokje, knipperen een paar keer met hun oogjes en zetten het op een vliegen, als een gek terug naar moeder de vrouw.
Volgens wetenschappers zijn de critters uitgerust met een soort super-gps in hun snavel, waardoor ze feilloos de weg terug kunnen vinden. Nou ja, feilloos... In hun enthousiasme vliegen ze overal dwars doorheen, zelfs door onweersbuien, hoogspanningsmasten, vliegtuigmotoren en ander spul waarvan alleen een postduif zich níet afvraagt: 'zou dat geen auw doen?'
En zo sneuvelen er telkens weer een aantal, maar wonder boven wonder komen de overigen toch weer binnen een bepaalde tijd terug aanvliegen bij het vertrouwde honk.
Ik ben geen postduif. Om de volgende redenen: 1. ik kan niet vliegen (oké toegegeven die lag ietwat voor de hand, al heb ik wel pogingen daartoe ondernomen maar dat was minder in de verwachting zélf te kunnen opstijgen maar meer om mijn lamme kraai voor te doen hoe het moest). 2. ik behoor tot de categorie tweebeners die eerst de wc, dan de bar en dan een vreettent opzoekt als ik in Zuid-Frankrijk uit een vrachtwagen zou rollen na uren rijden. 3. er zit geen gps in mijn neus. Ook niet elders in mijn hoofd, for that matter. Nu is het gekke verschijnsel dat ik het meestal wel red als ik een algemene richting volg. Zo rijd ik zonder gps en zonder kaart van hier naar Spanje, no problemo. Moet alleen geen grapjas de borden bij Bordeaux verwisselen want dan is het met me gedaan. Dan vinden ze me ergens in de tweede helft van de volgende eeuw in de bergen bij Dax, netjes om een dennenboom heengevouwen als een soort post-moderne Ötzi.
Nee, de algemene richting vind ik wel. Het zijn de zijpaadjes die me op een dwaalspoor brengen. Zo rijd ik netjes tot vlak voor Medina en raak dan de kluts kwijt welke afslag ik nog al weer moet nemen (geen sinecure want voor je het weet rijd je 4 uur lang in krek de verkeerde richting door de pijnboombossen). Een heldere routebeschrijving naar 's lands bekendste grootgrutter in Hoensbroek? Forget it. Ik kom op de een of andere mysterieuze manier via een weg vol keitjes en rammelende putroosters weer terug op dezelfde rotonde waar ik 1 minuutje eerder was afgeslagen. De parkeerplaats links? Niet gevonden. De appie ook niet, dus. Drop mij in een stuk nieuwbouwwijk van deze grandieuze provinciestad aan de Siter die mijn woonplaats is, en ik bel u over een uurtje of drie vanuit de een of andere Duitse Konditorei. Nog nét niet in tranen. Ooit presteerde ik het tijdens een schoolreis in Berlijn om in precies de verkeerde U-Bahn te stappen, gevolg: ik zat ergens helemaal de weg kwijt te wezen en de tante die heel enthousiast op me zat te wachten was drie uur later, toen ik wonder boven wonder het hotel waar we zaten had teruggevonden, maar weer naar huis gegaan.
Wat hebben we hiervan geleerd, spelende vrouw? Tja da's een goeie. Altijd op pad met zo'n stom stom voelt ook zo onbeholpen, technofreakish. Gewoon stoer doorlopen en je een weg terug naar huis bluffen bleek prima te werken toen ik in Londen woonde, dus dat ik momenteel de aanpak. En met een beetje geluk kom je dan een dorpje verder langs een appie die gewoon vriendelijk lekker duidelijk langs de openbare weg ligt, parkeerplaats voor de deur. Komt het met die barbecue vanavond toch nog goed. Met mijn richtinggevoel, dat is een ander verhaal...die postduif doet het écht niet.
No comments:
Post a Comment